Cadeautje

Ik mag verslaafd zijn aan koffie, sushi, boeken en tassen maar als je mij echt aan het kwijlen wilt krijgen (geen mooi gezicht trouwens) kan je mij het beste loslaten in een kantoor-boekhandel. Eentje met mooie notitieboekjes, fijne pennen en mooie markers.

Zaterdag wandelde ik naar de (kantoor)boekhandel hier in de stad met het vage idee een tweede notitieboekje te kopen zodat ik een apart bullet journal voor werk kon maken. Het idee was vaag, en tegen de tijd dat ik in de stad was verdwenen. Maar nu ik er toch was kon ik best naar wat markers kijken. En een kalligrafie pen.

Ik was al op weg naar de kassa toen ik langs de luxe pennen liep. Vooral vulpennen en als er iets niet aan mij besteed is, is het een vulpen. Toen zag ik de Parkers staan. Ik bleef stilstaan en depte met een zakdoek het kwijl weg. In de tweede van de middelbare school heb ik mijzelf op een Parker getrakteerd en ben dat ding na 25 jaar intensief gebruik ergens verloren.

Momenteel maak ik vooral gebruik van zwarte gelpennen met dunne punt, maar de Parker ballpoint trekt al een tijdje. Ik nam er één ter hand en trok een streep op het papier wat daarvoor uitgestald lag. Het voelde nostalgisch. Maar net als het notitieboekje niet nodig. Ik ging voor een geheel zwart exemplaar. Alleen de vulling schrijft blauw.

Bij de kassa aangekomen legde ik mijn schatten neer. Is het een cadeautje? Mijn standaard reactie wanneer ik iets voor mijzelf koop is altijd nee. Dit keer zei ik ja. Op de vraag of het allemaal apart ingepakt moest worden zei ik Nee, en voegde er aan toe Ze is op een leeftijd gekomen dat één pakje goed is. De vraagstelster wilde er nog twee pakjes van maken want de Parker is een stuk duurder dan de rest en verdient een eigen pakketje maar ik was onverbiddelijk. Oh. en het was een verjaardagscadeautje.

Een half uur later was ik thuis. Ik heb nog heel even geprobeerd om sterk te zijn en de spulletjes ingepakt te laten tot vandaag maar zoveel wilskracht kon ik op mijn 59ste en 360 dagen niet opbrengen. Dus vandaag hoef ik niets meer uit te pakken.

Heel worden (11): Eerste werkdag

Na mijn ziekmelding lieten zowel mijn leidinggevende als de arbo-dienst het moment waarop ik weer aan het werk zou gaan volledig bij mij liggen. Omdat ik ben wie Me en Myself zijn, dacht ik (lees Myself) dat ik na een weekje wel weer wat kon gaan doen. Voor Me voelde het niet goed, en ik schoof het eerste werkmoment voor mij uit. Eerst met dagen, maar al snel met weken. Dat scheelde een heleboel niet fijn voelen.

Vorige week maandag stuurde ik weer een mail naar mijn leidinggevende met de melding dat werken nog niet goed voelde. Hij belde even, en we spraken af voor vrijdagochtend een afspraak (via teams) in te plannen. Tot mijn verbazing belde hij donderdag iets na vijven. Ik dacht om onze afspraak af te zeggen maar nee, Wat is je huisnummer ook al weer? Ik sta nu bij nummer xxx. Dat is precies de andere kant van de straat. Ik legde hem uit hoe hij bij mij kon komen en vijf minuten later liep hij binnen. Met een doos Sinterklaaschocolaatjes. Ik dank, ze woont niet zo ver weg, ik breng haar chocolaatjes even langs, verklaarde hij zijn komst. We babbelde even en ik gaf aan dat het idee om dinsdag een paar uur te beginnen nog steeds goed voelde. Daar hebben we het morgen even over, zei hij, en vertrok weer.

Vrijdag was de eerste vraag, Hoe voelde mijn bezoek gisteren? Heb je er last van gehad? Nee dus. Integendeel zelfs. Het voelde gewoon goed. We spraken mijn herintegratie (groot woord, er zijn mensen die hebben langer vakantie dan dat ik nu ziek ben) traject af. Deze week twee keer twee uur (dinsdag en woensdag) en volgende week vier maal twee uur. Daarna zouden we verder zien.

Ik dacht dat ik er een aardig ritme in had gehouden de afgelopen weken, maar om zeven uur opstaan (een uur later dan normaal op een werkdag) viel niet mee. Ik had mijn kop koffie echt nodig. Het was al licht toen ik mijn fiets, voor de eerste keer sinds ik Corona heb gehad, uit de schuur haalde en naar het werk reed. Daar waar het wandelen steeds beter gaat, voelde het fietsen niet goed. Zelfs op standje je hoeft zelf nauwelijks te trappen had ik een olifant op mijn borstkas zitten. Gevoelsmatig dan.

Eenmaal binnen in het gebouw was de olifant weg wat mij vertelde dat het niet om weerstand tegen werken ging, maar dat het gevoel met het fietsen te maken had. Het werken ging goed. Twee koppen koffie, één klein karweitje, en een stuk of zeven gesprekken, waarbij slechts één werk gerelateerd later zaten mijn twee uur er al weer op en vertrok ik naar huis. Binnen een minuut was de olifant terug. Tijd om de oorzaak van de olifant boven water te halen. Dankzij al het voorwerk van de laatste weken niet eens zo moeilijk. De oorzaak van het onbestendige gevoel bleek niet de vliegpartij uit 2005 te zijn, ook niet de fietstochten met Pfeiffer in 1988, of de mislukte fietsvakantie (Zuid-Limburg bleek een heuvel te hoog) uit 1980.

September 1975, als verse middelbare scholier, fietste ik naar mijn favoriete platen speelzaak. Ter hoogte van mijn voormalige lagere school kwam een manspersoon naast mij fietsen, begon vragen te stellen en probeerde mij van mijn fiets te rijden. Er werd gegrepen, gegrabbeld, ik viel met fiets en al om. Ben overeind gekomen, heb mij losgerukt, heb mijn fiets gepakt en ben er als een speer vandoor gegaan. Ik ben het schoolplein van mijn oude school opgevlogen, heb mijn fiets in de stalling gegooid en ben naar binnen gerend. Heb een paar keer diep adem gehaald, en ben toen mijn oude klas binnen gelopen. Alsof er niets was gebeurd.

Weer thuis heb ik wel verteld dat ik bij meester A op bezoek was geweest, maar verder niets. Mam had het toch al zo zwaar en maakte zich toch al zoveel zorgen. Twee weken geleden had ik het kleine meisje in mij al gerustgesteld; dat dit incident niet haar schuld was, en dat ik snap waarom zij er nooit over gesproken heeft.

Ik had alleen niet beseft hoezeer dit incident onbewust op mijn drukt elke keer wanneer ik op de fiets stap. Tegen de tijd dat ik thuis was, was de olifant weg en voelde ik alleen nog de kortademigheid van mijn fietsconditie gebrek. Morgen voelen we verder.

Val je later binnen en wil je mijn hele reis naar mijzelf lezen, klik hier.

Zonder Woorden (37): Eerste sneeuw ;-)

Eerste sneeuw schreeuwt om een wandeling. Ook als de sneeuw zo nat is dat het meer op regen lijkt. Dikke regen. Vanwege die supernatte sneeuw was het rustig buiten. Ik hield mij ook rustig en wandelde, met dank aan die ene Galloway die weigerde aan de kant te gaan, van brug tot onder de brug tot over de brug wat neer komt op meer dan zes kilometer. Ik wist niet dat ik het in mij had.