Het leuke aan blogs lezen vind ik de herinneringen die de avonturen van andere bij mij oproepen. Zo publiceerde Mevrouw Niekje van de week een blog over hoe zij overal waar zij komt en niet bekend is met de lay-out van een gebouw, altijd checkt waar nooduitgangen zijn. Tja, en toen moest ik denken aan die keer dat de collega’s en ik euhm… niet handig waren. Zacht gezegd.
We waren met zijn vijven werkzaam op de 3e verdieping van de voormalig zustersflat van het ziekenhuis in Venray. Onze werkplek was op drie manieren te benaderen. De kortste route was via de ingang in de kelder. De deur was voorzien van een cardreader. Met andere woorden, zonder badge kwam je hier niet binnen. Ook niet naar buiten trouwens.
De andere twee routes waren meer openbaar; via je de keuken of via de hoofdingang. Tijdens kantooruren was de deur naar bet trappenhuis van de voormalig zustersflat open; buiten die tijd had je ook hier een badge nodig. Oh, en de deur bij de keuken ging ook op slot.
Je badge was dus belangrijk. Aangezien je dat ding ook nodig had om te printen, te betalen in de kantine en het een makkelijke manier van inloggen op je computer was hadden we de badge meestal wel bij ons. Maar niet altijd. Even iets vragen bij een collega op een andere verdieping? De badge bleef meestal op het bureau liggen. Post wegbrengen ging badge-loos.
Ziekenhuizen worden met enige regelmaat ge-audit. Tijdens zo’n audit wordt niet alleen gekeken naar de kwaliteit van de dienstverlenging; ook zaken als veiligheid (personeel en patiënt) maken deel uit van de audit. Ter voorbereiding moest het hele personeel het brandveiligheidsprotocol eigen maken. Via e-learning. Eén van de vragen was Weet jij waar het vluchtplan hangt. Dat wist ik. Punt gescoord. Er volgde meer punten maar één vraag kwam niet aan de orde.
Hoe kom ik zonder badge buiten?
Het dragen van de badge mag dan verplicht zijn, zoals eerder geschreven bleef de hondenpenning wel eens op een bureau liggen. Die middag sprak ik een medewerker van de technische dienst aan en deelde mijn vraag. Geen probleem, volgens hem. Naast de deur hangt een kastje met een groene knop. Het kastje maak je open door het aan beide kanten tegelijkertijd in te drukken. Daarmee wordt het magnetisch slot op de deur ontgrendeld.
Terug op de derde verdieping maakte ik mijn collega’s deelgenoot van het antwoord. De volgende dag, tijdens de pauze gingen we wandelen. Een mooi moment om te checken of wij het kastje ingedrukt kregen. Iets dat zowel mijn vrouwelijke collega als mij niet lukte. Laat mij eens, zei een mannelijke collega. Het kostte hem wat inspanning en een rood hoofd, maar toen ging de deur van het slot en open. Om niet meer in het slot te vallen. Euh… Dat was niet de bedoeling natuurlijk. Maar misschien dat het euvel zichzelf zou resetten.
Helaas, een half uurtje en een fijne wandeling later, stond de deur nog steeds open. Ik belde de technische dienst en biechtte op wat we hadden gedaan. Kom eraan, zei de TD-er. Twee kleine klikjes met een stuk gereedschap verder zag het kastje er weer normaal uit en zat de deur dicht. Enigszins beschaamd boden wij nogmaals onze verontschuldigingen aan. Iets dat volgende de TD-er niet nodig was. In al die jaren dat ik hier nu werk zijn jullie de eerste die niet alleen uitgezocht hebben hoe de vluchtroute werkt, maar ook het laatste obstakel. Dat kan ik alleen maar toejuichen.
Dus onbewust een goede daad verricht en iemand blij gemaakt. En daarna mijn badge nooit maar dan echt nooit meer op mijn bureau laten liggen want de hoeveelheid spek die ik nodig heb om mijn handen dusdanig sterk te maken dat ik de magneet kan manipuleren… is genoeg om 10 sterke mannen een hartverzakking te bezorgen. Niet gezond dus.


