Bij binnenkomst ontvingen we allemaal een kaart waarop we de namen van onze gesprekspartners moesten noteren, voorzien van een ja/nee (voor de organisatie) en wat aantekeningen voor onszelf. Die aantekeningen zijn belangrijk, wist een van de meer ervaren mannelijke deelnemers mij te vertellen. Als je dan een match hebt weet je in ieder geval nog om wie het gaat. Klinkt logisch. Aan de andere kant, als ik één of twee ja-tjes heb, dan weet ik echt nog wel wie dat zijn. Zo goed is mijn geheugen wel.
Lopende de avonden kon ik soms een blik op de kaart van mijn gesprekspartners werpen. Ineens drong het belang van de aantekeningen tot mij door. Mijn strategie was Wie wil ik zeker nog een keertje zien. De meeste anderen deelnemers (m/v) gingen voor de strategie Wie wil ik zeker niet meer zien. Een heel andere insteek.
Na het laatste praatje ging ik er even voor zitten. Liet de gesprekken in gedachten nogmaals de revue passeren. Ik kwam tot de conclusie dat er eigenlijk niemand was die ik perse nogmaals wilde zien. Confronterend idee. Ik sprak mij even streng toe en stapte over op de gangbare strategie en noteerde tweemaal een ja. Een karige score.
Zeker wanneer je je bedenkt dat ik een gezellige avond heb gehad. Ik ben nu eenmaal een kletskous en kan, als ik mij daar toe zet, best sociaal zijn. De meeste gesprekken waren leuk. Zoals een gesprek met een vreemde leuk kan zijn. Iemand die je nooit meer ontmoet. Dan is een twijfelachtige opmerking gewoon dat. Twijfelachtig. Meer niet. Je hoeft er verder niet over na te denken. Maar tijdens het daten? Misschien ben ik inderdaad te lang alleen en accepteer ik daarom minder. Tenslotte weet ik dat ik het zonder Drakentemmer aan mij zij ook red. Leuk heb. Geniet.
Enfin, onderweg naar huis had ik al spijt van mijn capitulatie. Even overwoog ik de organisatie te bellen met het verzoek mijn kaart te verscheuren. Toen beseft ik dat ik van beide mannen niets meer zou horen. De ene was niet blij verrast toen hij mijn leeftijd hoorde, maar geschrokken. Ik was te oud.
Het tweede ja-tje had ik gegeven aan de man waarmee ik aan het begin van de avond mee naar de locatie ben gewandeld. En aan het eind van de avond naar het station. Bij het afscheid zei ik Misschien tot ziens. Gezien zijn reactie ging ik ervan uit dat er geen vervolg zou komen. Ik had het mis. Wij hadden een match. Weer ging ik twijfelen. Wel niet, misschien leuk als vriend. Toen ik dat dacht wist ik, dit gaat hem niet worden. Aangezien ik geen zin heb om mijn en zijn tijd te verspillen heb ik een mail gestuurd; hem bedankt voor de gezelligheid en aangegeven dat ik van verder contact afzie.
Hiermee zit mijn speeddate avontuur erop. Mijn conclusie? Het was een leerzame avond en ik ben blij dat ik het gedaan heb. Op basis van deze ervaring weet ik dat ik zelf meer gebaat ben bij het doorspitten van profielen en een paar mailtjes over en weer sturen. Iets dat tijdrovend kan zijn, maar ik heb liever iets meer informatie van/over iemand voordat ik een eerste gesprek aanga.
Want ja, de zoektocht naar een loslopende Drakentemmer gaat verder. Hoe, wat en waar horen jullie vanzelf.



